Maandagmiddag, begin september. Ik lig op mijn stretcher in de tuin. De lucht is strakblauw, op wat schapenwolkjes na. De poes rolt tevreden door de tuin en neemt die vervolgens mee in haar vacht. Is dit dan genieten van je pensioen?

Ruim acht maanden ben ik nu met pensioen. Vervelen doe ik me niet. Ik doe vrijwilligerswerk, werk als zelfstandig loopbaanadviseur, volg een schrijfcursus en schrijf aan een cosy mystery. Binnenkort begint ook de theatercursus weer. Aan activiteiten geen gebrek. De invulling van mijn agenda is geen probleem. De grootste verandering zit niet in het invullen van mijn tijd, maar in wat er vanbinnen gebeurt.

Pensioen blijkt niet alleen stoppen met werken. Het is ook een overgang waarin oude patronen loskomen. Als hoogsensitief mens komt zo’n verandering bij mij niet netjes in één laagje binnen. Mijn lichaam, hoofd en zenuwstelsel doen allemaal mee. Herinneringen, verantwoordelijkheidsgevoel, aanpassen aan anderen en jarenlang over grenzen gaan: het lijkt alsof alles tegelijk verwerkt wil worden. Erg efficiënt van mijn systeem, maar niet bepaald ontspannend.

De eerste weken zat ik soms op de bank met de gedachte: ‘Hier zit ik dan, te wachten op mijn dood.’ Een tikje dramatisch misschien, maar zo voelde het wel. Ik kreeg spierpijn, was uitgeput en mijn interne criticus had duidelijk geen pensioen aangevraagd. Die vond dat ik niet moest zeuren: ’Hup genieten!’ Graag, maar hoe? In maart begreep ik dat ik midden in de existentiële vragen zat. Wie ben ik nu? Wat is mijn rol? En hoe geniet je eigenlijk van vrijheid als je systeem nog steeds denkt dat er een werkgever op je zit te wachten?

Ik deed en doe yoga, qi gong, ademhalingsoefeningen, meditatie en neurofeedback. Alles om mijn zenuwstelsel te laten weten dat het veilig is. Dat zenuwstelsel is eigenwijs en wil dat niet altijd horen. Inmiddels merk ik beter wat er gebeurt. Mijn lijf en brein kunnen de omslag niet zomaar maken. Na een leven van school, werk, verplichtingen en zorgen voor anderen, voelt ‘je mag alles’ niet meteen als vrijheid. Soms voelt het vooral als een grote ruimte zonder gebruiksaanwijzing.

Langzaam leer ik me minder te verzetten tegen dagen met een wattenhoofd, moeheid of verwarring. Ik probeer ze te zien als signalen. Niet altijd signalen waar ik om gevraagd heb, maar toch. Als ik luister, komt er soms diepe rust onder vandaan. Heerlijk!

Misschien is dit de kern van deze periode: niet harder mijn best doen, maar opnieuw leren leven op een manier die past bij wie ik ben. (En wie ben ik dan? Ja, ja, die hebben we al eerder behandeld in dit artikel). Met rust, grenzen, hoogsensitiviteit, een poes vol tuinaarde (die wel weet hoe ze met haar vrijheid moet omgaan) en een zenuwstelsel dat stap voor stap went aan het idee dat het niets meer hoeft.

Ik ben benieuwd hoe andere (hoog)gevoelige mensen dit (hebben) ervaren.